Experiment onderwijszorgarrangementen

De ervaringen en het perspectief van ouders, kinderen, professionals en samenwerkingspartners
PublicatiesGepubliceerd op: 05-02-26
In Nederland vallen kinderen met complexe ondersteuningsbehoeften nog te vaak tussen wal en schip. Voor een groep van naar schatting 15.000 kinderen is regulier of gespecialiseerd onderwijs onvoldoende passend, wat leidt tot thuiszitten, uitval en grote druk op gezinnen. Onderwijszorgarrangementen (OZA’s) proberen hiervoor een oplossing te bieden. Zij creëren een aanbod op basis van een geïntegreerde samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp, met ruimte om af te wijken van standaarden in onderwijstijd, inhoud, locatie en bekostiging. Het Verwey-Jonker Instituut onderzocht wat de ervaringen met de OZA’s zijn, hoe de aanpak eruitziet, en welke lessen te trekken zijn voor toekomstig beleid.

Dit onderzoek is de eerste kwalitatieve studie van het Verwey-Jonker Instituut binnen het landelijke programma Van arrangeren naar includeren. Het doel van dit onderzoek is inzicht te krijgen in keuzes en ervaringen rond de vormgeving en uitvoering van OZA’s. Wat zijn opbrengsten en werkzame elementen?

Voor deze studie zijn negen OZA’s verspreid over Nederland onderzocht. Er zijn individuele interviews gehouden met kinderen (8-16 jaar) en ouders/verzorgers, en groepsgesprekken met uitvoerende (onderwijs- en zorg)professionals en samenwerkingspartners. De OZA’s verschillen in doelgroep, locatie, organisatie en aanpak, waardoor een breed palet aan ervaringen is opgehaald. Het doel van het onderzoek is niet om een algemeen representatief beeld te schetsen van alle (ervaringen binnen) OZA’s in Nederland. De bevindingen moeten dan ook worden gelezen als rijk beschreven inzichten uit de onderzochte situaties, die mogelijk van waarde kunnen zijn voor de (door)ontwikkeling van andere OZA’s en beleid voor omtrent dergelijke initiatieven.

Ervaringen leerlingen en ouders

Kinderen die deelnemen aan een OZA hebben vrijwel altijd een moeilijke periode achter de rug waarin school geen veilige plek was en met een gebrek aan passende hulp. Zij kampten met overprikkeling, angst, spanningsklachten of langdurig thuiszitten. Ouders/verzorgers omschrijven gevoelens van machteloosheid, uitputting en het verlies van vertrouwen in het onderwijs.

Binnen de OZA’s ervaren leerlingen dat het (veel) beter gaat: zij voelen zich veilig, gezien, gehoord en gewaardeerd. De kleinschalige setting, intensieve begeleiding en ruimte voor maatwerk zorgen ervoor dat kinderen weer plezier krijgen in leren en opbloeien in sociaal-emotioneel opzicht. Ouders zien hun kind herstellen en ervaren zelf meer rust en draagkracht. Ook waarderen ouders de gelijkwaardige samenwerking met professionals van de OZA. Na de OZA keren sommige leerlingen terug naar regulier of gespecialiseerd onderwijs, terwijl anderen doorstromen naar dagbesteding of werk. Tegelijk zijn er bij een deel van hen zorgen over het vervolgtraject na de OZA en de continuïteit van het aanbod van de OZA, aangezien het nu een pilot is.

Samenwerking onderwijs en zorg

Professionals benadrukken dat OZA’s werken vanwege de flexibiliteit, kleinschaligheid, multidisciplinaire samenwerking en de mogelijkheid om af te wijken van regels. De experimenteerruimte die geboden wordt vanuit de experimenteerregeling van de ministeries van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Volksgezondheid, Welzijn en Sport maakt het mogelijk om onderwijs en zorg te verweven tot één passend traject. Deze intensieve samenwerking tussen onderwijs en zorg wordt als essentieel gezien voor deze groep leerlingen.

OZA’s zorgen ervoor dat leerlingen weer gemotiveerd raken, dat zij groeien in zelfvertrouwen, sociale en schoolse vaardigheden ontwikkelen, en dat zij weer een toekomstperspectief hebben. Tegelijk ervaren OZA’s enkele uitdagingen, zoals de complexe bekostiging en de verschillen tussen de administratieve systemen van zorg en onderwijs. Ook is er een beperkte toegankelijkheid in sommige regio’s, en voor leerlingen met bepaalde ondersteuningsbehoeften.

Conclusies

Dit onderzoek laat zien dat OZA’s voor veel kinderen een cruciale springplank vormen naar herstel, ontwikkeling en – waar mogelijk – terugkeer naar onderwijs. Succesfactoren zijn maatwerk, intensieve begeleiding, flexibiliteit en samenwerking. Tegelijk blijkt uit dit onderzoek dat een toekomstbestendige inzet van OZA’s vraagt om structurele borging van de experimenteerruimte, centrale regie, betere toegankelijkheid voor alle leerlingen met complexe ondersteuningsbehoeften in alle regio’s, en duurzame financiering.

Met medewerking van

  • M. Karssen
  • K. W. Rosema
  • E. S. Lalihatu
  • Y. Vanneste
  • R. van Eijkel

Thema's

  • Onderwijs en ontwikkeling

    Onderwijs is cruciaal in de ontwikkeling van kinderen en jongeren. We doen onder andere onderzoek naar de samenwerking tussen onderwijs en andere partijen betrokken bij jongeren. Ook dragen we graag bij aan het creëren van gelijke kansen voor alle leerlingen.

  • Gezondheid en zorg

    Lees hier meer over onze onderzoeken rondom gezondheid, zorg en sport.

    Meer over dit thema
Deel deze publicatie op: