Diversiteit

Is het schooladvies gekleurd?

Verkenning naar de totstandkoming van schooladviezen voor leerlingen met een migratieachtergrond

Krijgen leerlingen met een migratieachtergrond vaker lagere adviezen dan hun leeftijdsgenoten die een Nederlandse achtergrond hebben? Hoewel dit idee leeft bij migrantengemeenschappen, wordt dit in onderzoeken niet bevestigd en lijkt het opleidingsniveau van de ouders bepalender. In dit verdiepende onderzoek heeft het Kennisplatform Integratie & Samenleving 50 interviews gehouden met betrokkenen, onderwijsprofessionals, ouders en jongeren, om hun perspectief op de totstandkoming en het gegeven of ontvangen schooladvies in kaart te brengen. Daarnaast hebben we ook kwantitatieve analyses gedaan waarin we naar het verschil tussen schooladviezen en eindtoetsscores hebben gekeken.

In ons onderzoek hebben we geen steun gevonden voor het idee dat leerlingen met een migratieachtergrond structureel en bewust lagere adviezen krijgen door hun culturele- of etnische achtergrond. Wel leeft bij respondenten het idee dat Nederlandse taalvaardigheid, thuissituatie (zoals de ondersteuning van ouders), gedrag in de klas en de relatie van de leerlingen en de ouders met de leerkracht een (onbewuste) rol spelen bij de advisering. Als voorbeelden worden genoemd dat het advies beïnvloed wordt doordat leerlingen druk gedrag vertonen, of doordat leerkrachten vermoeden dat ouders minder zijn toegerust om te helpen met huiswerk in het voortgezet onderwijs.

Alle respondenten vinden een schooladvies passend als het aansluit bij de cognitieve vaardigheden, werkhouding en inzet van een leerling. Ook wordt het advies gezien als een startpunt voor de verdere ontwikkeling in het onderwijs. De belangrijkste gemene deler uit het onderzoek is dat alle betrokkenen (onderwijsprofessionals, ouders en jongeren) van mening zijn dat het schooladvies gebaseerd moet zijn op een combinatie van gegevens, ook van de toetsresultaten en dat meerdere onderwijsprofessionals moeten meedenken over het besluit.

Ouderbetrokkenheid kwam als een belangrijk onderwerp naar voren. Alle betrokkenen zien het belang ervan. Maar in de praktijk voelen zowel onderwijsprofessionals als ouders zich belemmerd. Ook jongeren voelen zich vaak niet gehoord.