Ouders met diverse culturele/religieuze achtergronden worden nog niet altijd goed bereikt door opvoedsteun. Hoe kan dat beter? Dat onderzoekt het Verwey-Jonker Instituut samen met diverse partners in het vier jaar lopende ZonMw programma Inclusieve Preventieve Opvoedsteun (IPOS). Drie vragen aan Amina, betrokken als promovendus bij het project.
Wat is jouw rol bij IPOS?

Bij het IPOS project ben ik betrokken als promovendus. Het IPOS project, waaronder mijn promotie, wordt gesubsidieerd door ZonMw. Ik doe onderzoek naar het bereik en behoud van ouders met diverse culturele/religieuze achtergronden met effectieve opvoedsteun in Amsterdam, Rotterdam en Eindhoven. En dat doe ik niet alleen!
Gelukkig doe ik dit werk binnen een mooi team, bestaande uit een mix van zeer ervaren en startende onderzoekers. Daarnaast word ik in mijn promotietraject begeleid door mijn promotoren prof. dr. Majone Steketee, dr. Inge Bastiaanssen en dr. Daudi van Veen. Als kers op de taart mag ik dit werk doen bij SPIOR, één van de professionele grassroots organisaties die deelneemt aan dit onderzoek. Zo krijg ik een beter beeld bij en van de effectieve opvoedsteun die daar wordt aangeboden.
Waarom is IPOS belangrijk?
In mijn kringen heb ik vaker gezien en gehoord dat ouders niet met respect worden bejegend en serieus worden genomen en zelfs te maken hebben met discriminatie en racisme wanneer zij aankloppen voor hulp. Zo heb ik in het verleden een paar ouders ondersteund toen hun kinderen uit huis dreigden te worden geplaatst. Onder verschillende gemeenschappen zorgen dit soort ervaringen en verhalen voor wantrouwen. Dat maakt dat ouders wel twee keer nadenken om om hulp te vragen. De gevolgen zijn dat kinderen sneller in aanraking komen met jeugdbescherming en jeugdreclassering, terwijl effectieve preventieve en cultuursensitieve opvoedondersteuning dit had kunnen voorkomen en soelaas had kunnen bieden. Met dit project hoop ik dat reguliere organisaties en professionele grassroots organisaties met en van elkaar willen leren voor inclusievere preventieve opvoedsteun.
Wat is jouw belangrijkste les na één jaar IPSOS?
Het project is al bijna een jaar jong, maar zelf ben ik officieel ruim een halfjaar on board. IPOS is praktijkonderzoek; en net zoals het leven maakt het dat dingen niet altijd lopen zoals gedacht of gepland en niet alles maakbaar is. De processen lopen nu al heel anders in Rotterdam, Eindhoven en Amsterdam. Dat maakt het soms uitdagend, maar ik blijf me er ook over verwonderen en ben benieuwd naar hoe dit nog zal lopen en wat dit op zal brengen. Kortom: nog meer loslaten en daarvan genieten.
Waar ben je het meest benieuwd naar?
Het meest benieuwd ben ik naar wanneer je het beste van beide werelden weet te combineren en balanceren: het aanbieden van effectieve preventieve opvoedsteun en daarin aansluiting vinden bij verschillende groepen. Een aantal professionele grassroots organisaties laten signalen zien waaruit blijkt dat effectieve preventieve opvoedsteun ook cultuursensitief kan zijn. Het één hoeft het ander niet uit te sluiten. Ook ben ik benieuwd naar hoe samenwerkingen en partnerschappen tussen organisaties en gemeenten ervoor kunnen zorgen dat we met effectieve preventieve opvoedsteun alle ouders weten te bereiken die dit nodig hebben. Ik kijk uit naar de interviews en focusgroepen met ouders, de interviews met trainers en managers en natuurlijk ook de observaties bij de cursussen waar Positief Opvoeden (Triple P cursus) wordt gegeven.
Verder lezen over IPOS