Seksueel en huiselijk geweld

Europees onderzoek naar behoeften en bescherming van slachtoffers van partnergeweld

Het Verwey-Jonker Instituut is samen met partners uit Oostenrijk, Duitsland, Ierland en Portugal, betrokken geweest bij het project INASC. Dit project had tot doel meer zicht te krijgen op bescherming van slachtoffers van partner geweld binnen het strafrechtsysteem. Hoe reageren politie en openbaar ministerie op meldingen van geweld in intieme relaties? De slachtoffers, vaak vrouwen, gaan naar de politie voor steun om een einde te maken aan het geweld dat ze (vaak langdurig) meemaken in hun relatie. De vrouwen zijn op zoek naar bescherming, beveiliging en gerechtigheid. Maar krijgen zij dit ook? Wat zijn dan hun ervaringen en behoeften als zij te maken krijgen met een strafrechtelijke procedure? En wat zijn de mogelijkheden binnen het strafrechtsysteem om slachtoffers van huiselijk geweld te beschermen?

Om deze en andere vragen te kunnen beantwoorden zijn zeventig strafdossiers van partnergeweld geanalyseerd, interviews gehouden met slachtoffers en professionals werkzaam binnen de strafrechtsketen (Openbaar Ministerie en rechtspraak). Ook zijn twee focusgroepen georganiseerd met politie en professionals die werken met slachtoffers van partner geweld en is een literatuurstudie uitgevoerd.

Het onderzoeksproject is opgedeeld in 3 delen. Het eerste deel beschrijft op grond van literatuur en documentstudie het juridische en beleidskader. Zo worden onder andere verschillende beschermingsmaatregelen beschreven die kunnen worden toegepast om slachtoffers van huiselijk geweld te beschermen en wordt stil gestaan bij de minimumnormen zoals vastgelegd in de Europese slachtofferrichtlijn (2012).

In deel twee staan de resultaten van de dossierstudie en de interviews met slachtoffers en professionals centraal. Zo komt onder meer naar voren dat slachtoffers zich niet begrepen voelen en de afdoening niet aansluit bij hun verwachtingen. Er is lang niet altijd besef van de gevolgen van herhaald geweld voor de psychische weerbaarheid van deze vrouwen. Voor een betekenisvolle afdoening en goede hulp voor zowel het slachtoffer als de pleger is het van belang dat ketenpartners, waaronder OM, politie en hulpverlenende organisaties meer en beter gaan samenwerken.

Op basis van de resultaten van de vijf verschillende landen is de internationale brochure ‘Make it happen’ ontwikkeld waarin handvatten worden geboden aan politie en Openbaar Ministerie in de aanpak van partnergeweld zodat beter kan worden aangesloten bij de behoeften van slachtoffers en de Europese slachtofferrichtlijn.

Meer informatie over het project en de deelrapporten van de vier andere landen zijn te vinden op de website www.inasc.org. Dit onderzoeksproject is medegefinancierd door het Criminal Justice Programme van de Europese Commissie.