Positieverbetering blijft uit door discriminatie
De belangrijkste oorzaak van de maatschappelijke achterstand van mensen met een lichamelijke handicap is discriminatie. De wisselwerking tussen zelfdiscriminatie en discriminatie door anderen zet een mogelijke verandering op slot. Het antwoord daarop is emancipatie. Mensen met een lichamelijke handicap moeten zichzelf presenteren als competente burgers, maar ook de samenleving moet drastisch veranderen. Daarvoor is een frisse beweging nodig die het denken van en over handicap nieuw leven inblaast.
Dit staat te lezen in Gehandicapt en geëmancipeerd. Emancipatie van mensen met een lichamelijke handicap. Het rapport is geschreven door het Verwey-Jonker Instituut en het Advies-, Schrijf- en Trainingsbureau Yvette den Brok in opdracht van de Algemene Nederlandse Gehandicaptenorganisatie (Ango). Het rapport berust op 39 diepte-interviews met autochtone en allochtone mannen en vrouwen met een lichamelijke handicap, en op een literatuurstudie naar verschillende vormen van emancipatie, empowerment en zelfactualisatie.
Van de 800.000 mensen met een lichamelijke handicap blijft de deelname aan de samenleving ruimschoots achter bij die van andere groepen, doordat zij niet kunnen rekenen op de nodige voorzieningen en ondersteuning. De oorzaak hiervan ligt in vormen van openlijke en verhulde discriminatie. In het rapport noemen de auteurs discriminatie op grond van handicap validisme: discriminatie op grond van validiteit.
Het antwoord op deze achterstand is emancipatie. Dit heeft twee zijden. Aan de ene kant houdt het in dat mensen met een handicap toegang krijgen tot letterlijk alle facetten van de samenleving en evenveel zeggenschap hebben als anderen. De huidige regelingen werken zelfs uitsluiting vaak eerder in de hand, dan dat ze participatie bevorderen. De samenleving moet fysiek en mentaal zodanig veranderen dat mensen met een handicap kunnen deelnemen aan het ter zake doende discours. Aan de andere kant wil dit zeggen dat mensen met een handicap als competente burgers hun plek in de samenleving opeisen. Om dit op te brengen is het nodig dat zij een trots of eigen identiteit ontwikkelen. Die kan gebaseerd zijn op de kracht die zij hebben om ondanks alles hun eigen leven te leiden.
Doordat mensen met een handicap steeds weer worden geconfronteerd met discriminatie, zijn zij vaak zelf gaan geloven dat hun achterstelling een logisch gevolg is van hun lichamelijke conditie: zelfdiscriminatie. De eerste opdracht voor de belangenorganisaties is dan ook om programma’s op te stellen voor een fundamentele bijstelling van ideeën, normen en waarden over het hebben van een handicap.
Met dit oogmerk richten de onderzoekers onder meer de volgende aanbevelingen aan de belangenorganisaties Ango en CG-raad:
Verwey–Jonker Instituut, Ida Linse (Communicatieadviseur), telefoonnummer (030) 23 00 799 of 06 41 50 65 65. ilinse@verwey-jonker.nl