'Communities that Care' draagt bij aan de gezonde en veilige ontwikkeling van kinderen

Vroegtijdig ingrijpen bij jongeren helpt problemen voorkomen

Utrecht, 25 januari 2007

Gemeenten die de preventiestrategie 'Communities that Care' (CtC) toepassen staan sterk in hun jeugdbeleid. Lokale instellingen werken beter samen, er zijn effectieve programma's tegen probleemgedrag van jongeren én de inzet van middelen vindt gecoördineerd plaats. Deze gemeenten weten jongeren en opvoeders met de grootste problemen, zoals problematisch alcohol- en drugsgebruik, beter te bereiken. Het CtC-programma leidt tot vroegtijdige signalering en betere doorverwijzing voorwaarden voor een gezonde en veilige ontwikkeling van kinderen.

Dit zijn de belangrijkste conclusies uit de op 26 januari te verschijnen evaluatie 'Opgroeien in veilige wijken. Communities that Care als instrument voor lokaal preventief jeugdbeleid'. Het rapport is opgesteld door het Verwey-Jonker Instituut, in opdracht van de ministeries van Justitie en VWS. In het rapport zet het instituut de resultaten van CtC op een rij. De evaluatie betreft vijf locaties in de volgende gemeenten: Amsterdam, Rotterdam, Zwolle, Almere en Leeuwarden. Op 26 januari neemt Jan Franssen (Commissaris van de Koningin in de Provincie Zuid-Holland) het rapport in ontvangst. De Provincie Zuid-Holland heeft CtC gekozen als speerpunt voor het jeugdbeleid van de komende jaren.

Communities that Care in Nederland

CtC is in 1999 vanuit de Verenigde Staten naar Nederland gehaald om op een wetenschappelijk gevalideerde manier maatschappelijk probleemgedrag bij jongeren van 0-18 jaar terug te dringen. Na langlopend onderzoek zijn tal van risicofactoren en beschermende factoren opgespoord. Die blijken voorspellers te zijn voor later probleemgedrag bij een kind. De risico- en beschermende factoren variëren van persoonlijke problemen, gezinsconflicten, leerproblemen tot de sociale kwaliteit in wijken. Juist door dit samenspel van factoren is het moeilijk maatschappelijk probleemgedrag gericht en preventief aan te pakken en gezond gedrag te bevorderen. CtC biedt een raamwerk op maat. De wijkgerichte aanpak van risicofactoren, samen met investeringen in gezin, school, kinderen zelf en de sociale cohesie, moet het probleemgedrag van jongeren verminderen.

De proeftuinen

De doelstelling van CtC is dat zo veel mogelijk sleutelfiguren, organisaties, instanties en bewoners in een wijk het probleemgedrag bij jongeren aanpakken, op basis van een objectieve analyse. In vijf gemeenten is gedurende twee jaar nagegaan hoe zij deze doelstelling realiseren. De evaluatie laat vooral de volgende opbrengsten zien:
Op uitvoerend niveau zijn afstemming en samenwerking duidelijk verbeterd tussen instellingen en sectoren, waardoor het kind weer centraal komt te staan.

De locaties bieden een ruimer preventieaanbod aan en zetten meer personeel en middelen in. Bovendien maken ze meer gebruik van programma's waarvan bewezen is dat ze effectief zijn in het voorkómen van probleemgedrag van jongeren en het aanpakken van de onderliggende factoren.
De probleemanalyse van de wijk en het wijkprofiel zijn leidend voor de inzet van personeel en gelden. Het preventieaanbod is daardoor gericht op de grootste problemen in de wijk en op de mensen die het 't hardst nodig hebben.

Hoewel er nog geen harde conclusies te trekken zijn over het afnemen van het probleemgedrag en risicofactoren onder jongeren, laten de eerste uitkomsten op lokaal niveau zien dat de inzet van CtC positieve verschuivingen teweegbrengt in de beschermende factoren en de risicofactoren.

De toekomst van CtC

Duidelijk is dat CtC een belangrijk sturingsinstrument is voor lokaal preventief jeugdbeleid op basis van meetbare indicatoren. Dat betekent voor gemeenten dat zij effectief invulling kunnen geven aan een pedagogische infrastructuur. In de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) heeft de gemeente een duidelijke taak in de op preventie gerichte ondersteuning van jeugdigen met problemen en hun opvoeders. Juist omdat zo veel partijen betrokken zijn bij het opstellen van preventief jeugdbeleid is het aan te raden dat gemeenten de CtC-systematiek overnemen. Zo ontwikkelen én verantwoorden gemeenten een beleid dat gebaseerd is op onderbouwde feiten en bewezen resultaten. Deze doelgerichte werkwijze moet meer gemeengoed worden in gemeenten.

Het Nederlands Jeugdinstituut NJi (voorheen NIZW Jeugd) is licentiehouder van CtC en draagt de landelijke verantwoordelijkheid voor het implementatieproces van CtC. CtC krijgt een vervolg in meerdere Zuid-Hollandse steden. Het Verwey-Jonker Instituut doet vervolgonderzoek in Hoogvliet, Maasluis en Leiden; de rapportage verschijnt in 2008. Daarnaast publiceert het Verwey-Jonker Instituut eind 2007 de bevindingen van een internationaal vergelijkend onderzoek naar de effecten van CtC op alcohol- en drugsgebruik van jongeren in de Verenigde Staten en Nederland.

Meer informatie:

Titel: Opgroeien in veilige wijken. Communities that Care als instrument voor lokaal preventief jeugdbeleid
Auteur: Majone Steketee; Jodi Mak; Astrid Huygen
ISBN: 90-232 4286 6. 144 pag. Prijs: 19,50 EUR.

Van de evaluatie van de pilotprojecten is een aparte uitgave verschenen:
Titel: Communities that care in de praktijk. Beschrijving van vijf pilotprojecten
Auteur: Majone Steketee; Jodi Mak; Astrid Huygen
ISBN: 978-90-5830-229-8. 100 pag. Prijs: 12 EUR

Website en CMS door YPOS